naar homepage IKZover deze site
 
tab login tab nieuws en agenda
iKC's » werkgroepen » thema's » kankerregistratie » richtlijnen » onderzoek » scholing » voorlichting » bibliotheek
 

naar lijst
27-11-2009 IKZ stuur deze pagina door print deze pagina

GeriOnNe: Effecten van chemotherapie, cholesterolverlagers en chirurgie


EDE - Colorectale tumoren komen veel voor bij ouderen. Dr. J. Doornebal presenteerde tijdens het 4e nationaal symposium ‘Kanker bij ouderen' de uitkomsten van de CAIRO 1 studie van ouderen met gemetastaseerd colon carcinoom. Dr. A.J.M. de Craen ging in op de vraag of cholesterolverlagende middelen het risico op kanker verhogen. Prof. dr. R. Audisio besprak het nut van het pre-operatief geriatrisch assessment. Volgens hem is hiernaar veel meer onderzoek nodig. Tot die tijd is het verstandig de volgende vuistregel in acht te nemen: "If you can do it, it does not mean it needs to be done."


U kunt gebruik maken van onderstaande index om door de verslagen te navigeren:

 

4e Nationale symposium GeriOnNe: ‘Behandeling van ouderen is een kunst'
GeriOnNe: Niet alleen de boodschap, ook rol zorgverlener cruciaal bij communicatie
GeriOnNe: Rol en effecten van chemotherapie, cholesterolverlagers en chirurgie
Workshop 1: ‘Oma's carcinoom: hoe ver moet je gaan?'
Workshop 2: ‘Ouderen profiteren onvoldoende van betere behandeling'
Workshop 3: ‘Dilemma's bij ouderen met urogenitaal carcinoom'
Workshop 4: vinden juiste balans bij behandeling NHL bij ouderen

Door Jan van Hoof

Dr. J. Doornebal (Medisch Spectrum Twente, Enschede) Dr. J. Doornebal (Medisch Spectrum Twente, Enschede) toonde de resultaten van de retrospectieve subanalyse van de CAIRO I studie, een vergelijkend onderzoek naar chemotherapie bij ouderen met een gemetastaseerd coloncarcinoom met CApecitabine, IRinotecan en Oxaliplatin (CAIRO). In deze studie wordt onder meer gelet op de effectiviteit, toxiciteit en kwaliteit van leven van de deelnemende patiënten. In totaal deden 820 patiënten verspreid over 75 ziekenhuizen mee aan deze studie in 2003 en 2004. De gemiddelde leeftijd bij diagnose was circa 71 jaar.

 

Colorectaal carcinoom is inmiddels de derde vorm van kanker in Nederland met een toenemende incidentie en prevalentie. Uit eerdere studies blijkt dat colorectaal carcinoom zestig procent van de incidenties uitmaakt bij ouderen tot 65 jaar en dat de mortaliteit onder deze groep patiënten als gevolg van deze ziekte zelfs zeventig procent bedraagt.

 

Aangezien er tegenstrijdige resultaten worden gemeld bij de behandeling van ouderen met colorectaal carcinoom, wordt in de CAIRO I studie onderzocht of sequentiële en gecombineerde chemotherapie (met capecitabine, irinotecan en oxaliplatin) bij patiënten boven 70 jaar met gemetastaseerd colorectaal carcinoom resulteert in een kortere overleving (overall survival) vergeleken met jongere patiënten (onder 70 jaar). Naast deze primaire aandachtspunten, kijken de onderzoekers tevens naar secundaire eindpunten als progressie vrije overleving (PFS), response rate (RR), toxiciteit en kwaliteit van leven (QoL).

 

Uit de CAIRO 1 studie blijkt dat sequentiële en gecombineerde chemotherapie met capecitabine, irinotecan en oxaliplatin bij oudere patiënten boven 70 jaar met een gemetastaseerd colorectaal carcinoom niet leidt tot een kortere overleving (overall survival). Alleen bij sequentiële chemotherapie is sprake van een toename van de eerstelijns en overall toxiciteit (graad 3 tot 4), met name hand-voet-syndroom. Volgens J. Doornebal zijn die bijwerkingen mogelijk het gevolg van te hoge dosering van capecitabine. Verder blijkt uit de resultaten dat alleen gecombineerde chemotherapie leidt tot een verminderde kwaliteit van leven.

Dr. Ton de Craen (Leids Universitair Medisch Centrum) Cholesterolverlagende middelen

 Het gebruik van cholesterolverlagende middelen onder ouderen is groot. Van de 13.5 personen bij de apotheek. In Nederland gebruiken circa 1,3 miljoen mensen een statine ofwel cholesterolsyntheseremmer. Van deze gebruikers is zestig procent ouder dan 70 jaar. Dr. Ton de Craen (Leids Universitair Medisch Centrum) ging in op de vraag of statines het risico op kanker bij ouderen verhogen? Deze middelen zijn vanaf begin jaren negentig op de markt. Hij haalde een gerandomiseerde studie aan (PROspective Study of Pravastatin in the Elderly at Risk; PROSPER) waaraan 5.804 ouderen meededen in de leeftijd van 70 tot 82 jaar. De uitkomsten van de PROSPER-studie werden vergeleken met een multicenter gerandomiseerd placebo-gecontroleerde clinical trial.

 

De kernvraag was of cholesterolverlagende middelen de oorzaak zijn van de verhoogde kans op het krijgen van kanker of dat er mogelijk andere oorzaken (confounding) zijn aan te wijzen, zoals leeftijd, sekse, body mass index, roken, alcoholgebruik en bijkomende ziekten als diabetes, etc. Een andere mogelijke oorzaak zou genetische aanleg (Mendeliaanse overerving) kunnen zijn. Uit Mendeliaanse randomisatie studies blijkt echter dat er geen sprake is van confounding noch van ‘reverse causality'. Uit observationele studies bleek het tegenovergestelde: er is inderdaad sprake van confounding en

‘reverse causality'.

 

"Een laag cholesterolgehalte gaat gepaard met een groot aantal andere variabelen die de ziekte kanker kunnen verklaren. Ook mensen die een placebo kregen en een laag cholesterolgehalte hadden, hadden een verhoogd risico op het krijgen van kanker. Er is dus geen verband tussen cholesterolverlagende middelen en kanker. Een laag cholesterolgehalte is het gevolg van nog niet gediagnosticeerde kanker en niet andersom", aldus Ton de Craen.

 

Pre-operatief assessment

Prof. dr. R. Audisio (St. Helens & Knowsley Hospitals Trust, Mersyside, UK) Prof. dr. R. Audisio (St. Helens & Knowsley Hospitals Trust, Mersyside, UK) besprak het nut van het toepassen van pre-operatief geriatrisch assessment: ja of nee? In zijn inleiding noemde hij, evenals eerdere sprekers, de ondervertegenwoordiging van oudere patiënten in chirurgische trials. Dat is volgens hem vreemd. Met het stijgen van de leeftijd neemt de participatiegraad af, terwijl omgekeerd de incidentie juist toeneemt naarmate de leeftijd van de patiënt stijgt. Ook is er nog vaak sprake van onderbehandeling van ouderen. Is dat het einde van het verhaal?

 

Volgens prof. Audisio niet. Chirurgen moeten leren ‘frailty patients' te herkennen. De vraag is alleen hoe? Het toepassen van de ‘rule of the thumb' achtte hij ongeschikt, vanwege de geringe betrouwbaarbeid. Ook het inschatten van de levensverwachting van de patiënt is geen geschikte methode, vanwege grote individuele verschillen tussen patiënten. Een andere factor die een goede inschatting in de weg staat, is een breed scala aan bijkomende ziekten, die overigens niet direct een hoger risico op complicaties op hoeven te leveren.

 

Ook meetinstrumenten die de prestaties van chirurgen monitoren, bieden geen soelaas. Ze zijn vooral gericht op het meten van prestaties van chirurgen en overlijden als gevolg van chirurgische ingrepen en niet gerelateerd aan post-operatieve complicaties. Blijft over het toepassen van screening-instrumenten. Prof. Audisio liet diverse mogelijkheden de revue passeren, waaronder de Comprehensive Geriatric Assessment (CGA), de Multidimensional Geriatric Assessment (MGA) die is toegepast bij studies in Florida, Italië en Frankrijk en andere instrumenten als GFI, VES13 en G8 ONCODAGE.

 

Assessment en zorgplan

Hij omschreef de Comprehensive Geriatric Assessment als ‘the golden standard'. Het is een nuttig instrument om patiënten te identificeren en om aanbevelingen te ontwikkelen en te implementeren. "Een assessment heeft echter geen waarde als het geen zorgplan oplevert. En een zorgplan heeft geen waarde als het niet geïmplementeerd kan worden", aldus prof. Audisio. Een andere optie, het

Multidimensional Geriatric Assessment, achtte hij niet zinvol vanwege het detecteren van problemen die interfereren met de behandeling van kanker en problemen die raken aan algemene geriatrische aspecten.

 

Mogelijk dat andere screeningsinstrumenten in de nabije toekomst een bijdrage kunnen leveren. Hij noemde in dat verband onder andere de Pre-operative Risk Estimation for Onco-geriatrics Patients Study at McGill (PREOP-M), een interdisciplinaire studie die momenteel wordt uitgevoerd in meerdere centra in de VS, Engeland en Duitsland. Maar vooralsnog is er volgens prof. Audisio onvoldoende bewijs voor de accuratesse van deze instrumenten en assessments. Er is veel meer onderzoek nodig. Tot die tijd is het verstandig dat chirurgen de volgende vuistregel in acht te nemen: "If you can do it, it does not mean it needs to be done."


 

 


IKA IKL IKMN IKNO IKO IKO IKR IKW